Home > Artikelen > Vrouwen, ze gamen te weinig en slikken te veel

VROUWEN, ZE GAMEN TE WEINIG EN SLIKKEN TE VEEL

flower portfolio-main-img about-arrow-main
single-blog-main-img

Stel je voor: een vrouw van eind dertig, begin veertig, twee kinderen, parttime drukke baan, mantelzorg voor haar ouders en drie keer in de week naar de sportschool. Ze doet haar best. Alles moet scherp, snel, soepel en sexy. Toch slaat haar hoofd op tilt. Ze vergeet afspraken. Kijkt drie keer naar dezelfde e-mail zonder te reageren. ’s Avonds ploft ze uitgeput op de bank en voelt ze zich schuldig over alles wat ze weer niet gedaan heeft.

Ze gaat naar de huisarts. Na een kort gesprek krijgt ze een verwijsbrief. Diagnose: ADHD. Medicatie: Ritalin.

Vandaag kwam het nieuws dat het gebruik van Ritalin onder volwassenen in zeventien jaar is verviervoudigd. Vooral bij vrouwen boven de 25. Dat cijfer is niet alleen schrikbarend, het is ook veelzeggend.

Of al die diagnoses terecht zijn, stel ik niet ter discussie. Ik ben als coach niet bevoegd een diagnose te stellen. Ik vraag me af: waarom is dit voor zoveel vrouwen, moeders de enige weg die nog open lijkt te staan?

Waar zijn de andere opties gebleven?

Waarom is er zo weinig ruimte voor methodes die vertragen in plaats van versnellen? Waarom wordt spel, creativiteit, gamification of training zelden serieus overwogen als alternatief?

Er bestaat intussen een digitale therapiegame voor kinderen met ADHD die zelfs door de Amerikaanse FDA is goedgekeurd. In Nederland zijn programma’s als Braingame Brian ontwikkeld, bedoeld om werkgeheugen, flexibiliteit en impulscontrole te trainen. Vaardigheden die overigens ook zonder enige twijfel in andere games ontwikkeld worden. Hoezo dan geen gamende moeders? Vanaf 25 jaar loopt het percentage gamende vrouwen terug in vergelijking met mannen. Waarom?

Omdat gamen tijd kost. En tijd is voor veel vrouwen en zeker moeders de grootste luxe geworden.

Een pilletje neem je in twee seconden. Een game vraagt oefening, toewijding, je moet een drempel over. Je moet durven falen, mogen spelen. Dat voelt kinderachtig of zonde van je tijd. En daar zit precies het probleem.

Onze samenleving eist dat zelfzorg snel moet. De juiste app, de juiste routine, het juiste recept. Alles wat traag, speels of onvoorspelbaar is, wordt gezien als inefficiënt. Maar juist dat onvoorspelbare spel – waarin je even niets hoeft, maar wél mag oefenen, falen, groeien – dat is wat ons brein nodig heeft om veerkracht op te bouwen.

Dus nee, dit is geen pleidooi tegen medicatie. Voor sommige mensen is het levensreddend. Maar het is wel een pleidooi vóór andere vormen van aandacht. Aandacht voor spel. Voor cognitieve training zonder bijwerkingen. Voor digitale therapieën die niet je bloeddruk verhogen maar je zelfvertrouwen. Ja en lekker wandelen, heerlijk mindful op je matje zitten en zingen achter de piano, kunnen ook werken en kosten ook tijd.

Misschien is het tijd om een nieuwe vraag te stellen aan al die vrouwen die worstelen met focus en energie.

Niet "waar haal je de tijd vandaan?" maar "wat zou er gebeuren als je jezelf die tijd eens écht gunde?"

Als ambassadeur van Women in Games wil ik niet alleen dat er meer vrouwen werken in de game-industrie. En strijd ik actief voor meer veiligheid voor gamende meiden en vrouwen. Ik wil ook dat er méér vrouwen spelen. Omdat spelen geen luxe is, maar een vorm van zelfzorg. Omdat vrouwen recht hebben op herstel, net als op plezier. En omdat het alternatief steeds vaker in een doosje zit met een bijsluiter.

In mijn boek Ga toch gamen roep ik ouders – en dus ook moeders – op om samen met hun kinderen te gaan gamen. Niet alleen om de band te versterken, maar ook omdat het iets openbreekt in jezelf. Spelen met je kind is niet alleen goed voor hen. Het is ook een manier om jezelf terug te vinden.

Misschien slaan we met zo’n simpele daad wel twee vliegen in één klap: minder eenzaamheid, minder uitputting, minder pillen. Meer verbinding, meer lucht. Meer spel.